Pilots Milieuthermometer afgerond

SMK ontwikkelt samen met het Milieu Platform Zorg de Milieuthermometer Zorgsector. De pilots zijn afgerond, de resultaten ervan zijn naast elkaar gelegd en op basis daarvan is een aantal wijzigingen doorgevoerd in het certificatieschema. Natascha Smits, voorzitter van het Milieu Platform Zorgsector, vertelt: “De drie deelnemende instellingen waren heel positief over het certificatieschema. Ze vinden het een zinvol instrument. Ten eerste omdat het schema een overzicht biedt van belangrijke milieuthema’s binnen de zorg. Ten tweede omdat het de instellingen de mogelijkheid biedt om prioriteiten te stellen binnen deze thema’s. Tot slot kan het certificatieschema als handvat dienen om milieuthema’s te bespreken met de directie.”

Het certificatieschema wordt op dit moment beoordeeld door het College van Deskundigen non-food van SMK. Smits: “De criteria zijn in eerste instantie ontwikkeld voor ziekenhuizen en universitaire medische centra. Ook Stichting Zorgbeheer de Zellingen, een zorgcentrum in Krimpen aan de IJssel, heeft meegedaan aan de pilot. Gebleken is dat je voor dit soort type zorginstellingen criteria moet toevoegen. De Zellingen beschikt bijvoorbeeld over een vrij groot wagenpark. Dus ook daarvoor moeten in de toekomst criteria worden opgesteld.”

Ambitie
Uit de pilots is naar voren gekomen dat de criteria van de Milieuthermometer Zorgsector ambitieus zijn. “Ik vind dat het voor ziekenhuizen niet te gemakkelijk moet zijn om brons te behalen op de Milieuthermometer. Het moet stimulerend en motiverend werken. Ziekenhuizen moeten extra maatregelen nemen om te kunnen voldoen aan de criteria voor brons. Het Milieuplatform Zorgsector wil, zodra het certificatieschema is gepubliceerd, een lanceringbijeenkomst organiseren voor de leden. We geven onze leden uitleg en bieden aan om samen met hen de Milieuthermometer voor te bereiden”, aldus Smits.

Nulmeting
Dirk Heijkoop, adviseur facilitair bedrijf van het Albert Schweitzer ziekenhuis in Dordrecht, is heel enthousiast over de Milieuthermometer Zorgsector: “Ik was op zoek naar een instrument waarmee ik binnen het Albert Schweitzer een nulmeting kon doen op het gebied van milieuzorg. Dat kan met de Milieuthermometer, dus ik was meteen gemotiveerd om mee te doen aan de pilot. Wij hebben samen met een externe auditor alle criteria doorgelopen. Volgens de criteria moet je onder andere kunnen aantonen dat je voldoet aan alle wet- en regelgeving. Vaak is dat best lastig. Je merkt dat als je grip wilt krijgen op het milieubeleid, het handig is centraal te kunnen beschikken over alle gegevens die her en der in de organisatie worden geregistreerd.”

Helder instrument
Ellen Parma, milieucoördinator bij het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG) in Amsterdam, vindt de Milieuthermometer Zorgsector vooral heel concreet: “Ons milieubeleidsplan was voornamelijk gebaseerd op ISO 14001. De Milieuthermometer Zorgsector is veel concreter. Het is een helder instrument. En ook beknopt, het is geen enorme berg papier waar je je doorheen moet worstelen. Het werkt twee kanten op: dankzij de Milieuthermometer zie je wat je als organisatie op milieugebied al hebt bereikt en je ziet welke stappen je nog moet nemen. We kunnen ons nu richten op de criteria waar we nog aan moeten voldoen.”

Bewustwording
Uit de pilots blijkt dat de Milieuthermometer binnen zorginstellingen een bewustwordingsproces op gang brengt. “Het gaat vaak om aanpassingen in het milieubeleid die relatief gemakkelijk zijn door te voeren. Eén van de criteria is dat wij alleen gebruik mogen maken van schoonmaakmiddelen uit klasse B of C van de ABM-methodiek. Deze methodiek zegt iets over de waterbezwaarlijkheid van stoffen. We werkten nog met een aantal middelen van klasse A en zijn die nu zo snel mogelijk aan het vervangen. Een ander voorbeeld gaat over afvalpreventie. Voor de afdeling pathologie gaan we een apparaat aanschaffen dat Xyleen en Alcohol recyclet. Dat betekent dat we 90% minder van deze stoffen hoeven in te kopen”, aldus Parma. 
 
Uiteenlopende thema’s
Heijkoop vindt de Milieuthermometer een goed instrument omdat het is gericht op veel uiteenlopende thema’s: “De Milieuthermometer richt zich bijvoorbeeld ook op de catering. Milieutechnisch is het natuurlijk niet goed dat veel voedingsmiddelen in het klein zijn verpakt. Daar proberen we op te sturen. Vaak krijg je wel te maken met tegenstrijdige regelgeving, want in verband met de hygiëne is het juist weer nuttig om alles apart te verpakken. Ook duurzaam bouwen is een thema dat wordt meegenomen in de Milieuthermometer. In ons geval is dat nogal ingewikkeld, omdat wij vier locaties hebben van verschillende bouwjaren. In onze nieuwe panden zijn er bijvoorbeeld meer energiebesparende maatregelen genomen dan in onze oudere panden. Ik heb het als interessant en nuttig ervaren om onze organisatie te screenen op zulke uiteenlopende thema’s.”

De toekomst
Het OLVG gaat voor brons. Parma stelt: “Wij voldoen nu nog niet aan het bronzen niveau. We zijn op dit moment druk bezig met het nemen van maatregelen om te voldoen aan de criteria hiervoor.” Het Albert Schweitzer ziekenhuis heeft een meerjaren milieubeleidsplan opgesteld. Heijkoop: “Ons plan gaat over de periode 2008-2011. Aan het eind van deze periode willen we niveau zilver hebben behaald. De Milieu-thermometer Zorg heeft mij ontzettend veel handvatten geboden voor het opstellen van het milieubeleidsplan. Het stelt je in staat om realistische milieudoelstellingen te formuleren.”

Meer info:
Vereniging Milieu Platform Zorgsector:
www.milieuplatform.nl

Het MPZ (Milieu Platform Zorgsector) heeft samen met SMK gelaagde milieucriteria met een bronzen, zilveren en gouden niveau voor zorginstellingen ontwikkeld, in eerste instantie gericht op (academische) ziekenhuizen. In 2007 is besloten het gouden niveau aan Milieukeur te koppelen. In 2008 zal dit verder worden uitgewerkt en gerealiseerd. De criteria beslaan een breed scala aan onderwerpen waarop in zorginstellingen milieuwinst te behalen valt, zoals energie- en waterbesparende maatregelen, afvalpreventie en gevaarlijke stoffen.


 

 
search Zoeken:
picture
 
© Disclaimer